Posts tonen met het label wild. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wild. Alle posts tonen

vrijdag 10 januari 2014

Unieke sprookjes bij PLUS



‘Op is op’. Zo beveelt PLUS haar wildproducten aan. Veel cynischer kan je het niet verzinnen als je het hebt over levende wezens. De supermarkten riepen de afgelopen maand om het hardst dat wild zó bij de kerstdis hoort, terwijl het net zo ‘Nederlands’ is als Sweet Sixteen en Halloween. Maar dat bevat de PLUS niet: Nederlanders moeten ‘wild van wild’ worden: ‘Iedere dag een feestdag met wild’!


PLUS is al sinds 2011 bezig met het ‘uitrollen’ van haar ‘concept Veluws wild’. De leiding heeft er haar beste tekstschrijvers op gezet: ‘Het unieke verhaal van... Als enige supermarkt in Nederland kiest PLUS voor de verkoop van wild, afkomstig van onze eigen Veluwe. Wild bevat geen enkele kunstmatige toevoeging, is caloriearm en rijk aan eiwitten. Het wildaanbod bij PLUS wordt niet bepaald door de vraag naar wild, maar is afhankelijk van de natuur... .’

Reclame is synoniem met overdrijving, halve en hele waarheden, maar de PLUS-marketeers jokkenbrokken er wel heel ernstig op los. Een goede kandidaat voor de Liegebeest Trofee van Wakker Dier? ‘Het aanbod wordt bepaald door de natuur.’ Staan de herten, reeën en zwijnen in rijen van vijf opgesteld langs de weg, zwaaiend en roepend ‘eet mij, eet mij’? En hoe graag jagers zichzelf ook natuurbeheerders noemen, de dood door een kogel of een schot hagel is allesbehalve natuurlijk.


Vrees niet, belooft PLUS, al het wild is diervriendelijk gedood. Alleen reclamemakers, jagers en jagende politici kunnen doden en diervriendelijkheid in één zin gebruiken. ‘Het afschot van de dieren gebeurt met een schot in het schouderblad, zodat het in hart en longen geraakt wordt en meteen dood is.’ Dit riekt wel heel sterk naar KNJV-propaganda. Jagers schieten ALTIJD raak!


‘PLUS haalt haar producten – indien mogelijk – graag uit de omgeving.’ Daarom verkopen ze ‘Hollandse’ hazenbout, ‘Limburgse’ konijnenbout en ‘Veluwse’ eendenborstfilet, hertenbiefstuk, reebiefstuk en wildzwijnsteak. Dat er nog wilde dieren rondlopen op de Veluwe mag een wonder heten. De term ‘wild’ gebruikt de supermarkt overigens losjes: de Veluwse eenden komen van een ‘Nederlandse’ (euh, niet ‘Veluwse’?) boerderij en de konijnen uit een vleesfokbedrijf in Limburg.

Ik ben benieuwd of ‘de service supermarkt van Nederland’ haar doelstelling ‘op is op’ heeft bereikt het afgelopen seizoen. Of misschien is er nog wat wild op de Veluwe over en kunt u zo nog bijdragen aan ‘op is op’. De sprookjes krijgt u er gratis bij, want PLUS geeft meer, veel meer...

maandag 3 oktober 2011

Uniek Veluws vlees


Hoe breng je een nieuw versproduct aan de man? Je noemt het uniek, natuurlijk en gezond. Niet dikmakend en je zet er uitdrukkelijk bij dat er géén kunstmatige stoffen in zitten. Gouden formule. Werkt altijd! De tekstschrijvers gaan meteen aan de slag: ‘Het unieke verhaal van... Als enige supermarkt in Nederland kiest Plus voor de verkoop van wild, afkomstig van onze eigen Veluwe. Uniek vlees met een volle smaak. Wild bevat geen enkele kunstmatige toevoeging, is caloriearm en rijk aan eiwitten. Het wildaanbod bij Plus wordt niet bepaald door de vraag naar wild, maar is afhankelijk van de natuur...’

‘Jongens, kunnen jullie nog even zorgen voor een leuk plaatje voor de verpakking? Iets groens en gezelligs met een boom en wat grazende beestjes? O ja, zet er ook nog even bij waar de Veluwe precies is, voor onze klanten die niet weten waar het ligt.’ Op het laatste moment verbindt de reclameafdeling nog een leuke wedstrijd aan de aanbieding. De prijs: een wildarrangement. En een korting van 20 procent, zodat ook de vleesetende klant met een smalle beurs het product kan betalen.

Reclame is synoniem met overdrijving, halve en hele waarheden, maar hier maken Plus-marketeers zich toch wel schuldig aan jokkebrokkigheid. Een kandidaat voor de Liegebeest Trofee van Wakker Dier zou ik denken. Het aanbod wordt bepaald door de natuur? Staan de herten, reeën en zwijnen in rijen langs de weg opgesteld, zwaaiend en roepend ‘eet mij, eet mij’? Hoe graag jagers zichzelf ook natuurbeheerders noemen, de dood door een kogel of een schot hagel is allesbehalve natuurlijk.

En doden doen ze, die jagers. Het ‘unieke’ van het everzwijn is dat het meest vervolgde dier van Nederland is. Acht van de tien dieren, duizenden biggetjes en volwassen zwijnen, moeten er jaarlijks aan geloven. Ze zijn er zo angstig door geworden, dat ze tegenwoordig op de grasvelden in Epe rondlopen. Alleen daar dragen natuurbeheerders geen wapen. Nee, het is inderdaad niet de consument die zo graag wild wil eten; het is een uiterst lucratieve handel. Het feit dat niemand wil vertellen hoeveel dieren jagers jaarlijks op de Veluwe over de kling jagen, is veelzeggend.

U moet de Plus-mensen maar op hun mooie blauwe ogen geloven dat de in frisgroene verpakking gestoken wildzwijnsteaks, reeënruggetjes en hertenbiefstukjes inderdaad van ‘onze eigen’ Veluwe afkomstig zijn. Maar mochten ze op dit punt wel de waarheid spreken, dan zitten er vast zo veel stresshormonen in, dat ik u zou aanraden dit unieke aanbod van de supermarkt beleefd af te slaan.

Dierenleed. De Plus geeft meer. Veel meer...

maandag 24 mei 2010

Lastpakken


Dieren, je moet er maar last van hebben. Op Terschelling durven mensen niet meer te fietsen uit angst om aangevallen te worden door een horde Schotse hooglanders, wilde zwijnen maken de wegen op de Veluwe onveilig en herten plunderen keurige voortuintjes in het schone Zandvoort. Ook vliegende dieren kunnen zich ontpoppen als lastpakken. Vogels zijn enig, zo lang ze niet poepen op heilige koeien, snoepen uit al dan niet commerciële visvijvers of boeren voor de voeten lopen.

En dan is er Gerda. Gerda heeft last van álle dieren die zich niet aan de ‘regels’ houden en die dierenbeschermers zijn helemaal een nagel aan haar doodskist. Het leven van een demissionair minister valt niet mee hoor. Ze waarschuwt locale gemeentes niet zulke watjes te zijn en snel te beginnen met het ‘beheren’ van al dat ongewenste en ongehoorzame dierentuig. Want wie weet welk een rampspoed over ons heen zal komen als wij de natuur en de dieren daarin vrij spel zouden geven.

De dieren zijn het lijdend voorwerp. Ze hebben niets in te brengen. Ze leven in de gebieden die wij afpalen en waarvan wij zeggen dat ze zich er ‘vrij’ mogen bewegen. En dan niet te veel van dattum, want de geboortecijfers en afschotquota zijn al in keiharde cijfers vastgelegd. Zo lang dieren zich gedragen en zich houden aan de regeltjes die beleidsmakers hebben bedacht, zijn ze welkom in Nederland. Stoute everzwijnen of edelherten worden onverbiddelijk afgeschoten, tenzij ze in een gemeente leven waar de softies aan de macht zijn.

Het o zo Nederlandse opgeheven vingertje geldt ook voor dieren. Pas op hoor, of ik doe je wat! En de dieren? De dieren doen wat ze altijd hebben gedaan. Ze gaan zo goed en zo kwaad als het kan hun natuurlijke gang. De natuur is tot een probleem gemaakt dat beheerst en gemanaged moet worden. De natuur wordt ontworpen op tekentafels door mensen die daarbij bedenken hoe de dieren zich in die ‘gemaakte’ wereld zouden moeten gedragen. Want het idee dat de natuur zelf wel weet hoe het moet, dat is wel heel radicaal en potentieel levensgevaarlijk, vinden velen.