Posts tonen met het label wilde dieren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label wilde dieren. Alle posts tonen

maandag 15 oktober 2012

Tuinieren voor (wilde) dieren


Boeken over diervriendelijk tuinieren hadden we al. Barbara Rijpkema gaat in haar boekje nog een stap verder. Ze bekijkt de tuin vanuit het oogpunt van de dieren. Geen flora zonder fauna en in een gezonde tuin gaan de twee nu eenmaal hand in hand. In dit kleurrijke boekje geen tips over hoe je dieren kunt verdelgen, maar des te meer over hoe je ze kunt verleiden om in jouw tuin hun thuis of tussenstop te maken.

Zelfs als je maar een paar vierkante meters tot je beschikking hebt, zul je versteld staan van de mogelijkheden voor wilde dieren’, zegt Rijpkema. Bouw een egelwoning of een insectenhotel. De gasten zullen ze weten te vinden. Heb je een tuin als een postzegel? Ook dan kan je broed- en overwinteringsplekken maken. Zelfs een balkon is zo aan te passen dat vogels er graag even aanwippen.

Dus: verban de slakkenkorrels, insectenbestrijders en mierenlokdozen voor altijd uit je tuin en maak er een paradijs voor dieren van. Want, zegt de auteur: ‘Je tuin delen met wilde dieren en van ze genieten als ze de weg naar het voedertafeltje, het nestkastje of de vijver weten te vinden, is het mooiste wat er is.’

Vind je de Atalanta een mooie vlinder? Bedenk dan dat deze trekvlinder brandnetels nodig heeft om zich voort te planten. Kijk hoe een lieveheersbeestje zich tegoed doet aan een luizensnack en geniet van een rondscharrelende egel.

Het boekje neemt je mee langs de seizoenen, te beginnen met de lente. Het is overzichtelijk ingedeeld naar maanden, dieren en bomen en planten in de tuin. Welke haag vinden merels het fijnst om in te nestelen? En welke vogel eet wat wanneer?

Tuinieren voor (wilde) dieren biedt een schat aan tips en ideeën voor een beestachtig mooie tuin. Het is een must read voor iedereen die natuur belangrijk vindt. Het zou op het bureau moeten liggen van alle beleidsmakers bij overheden die zich met stadsinrichting en landschap bezighouden. Woningcorporaties moeten het cadeau doen aan hun huurders.

Zet buzz-woorden als biodiversiteit en duurzaamheid om in actie. Steek ook zelf de handen uit de mouwen, want de natuur kan al beginnen op je eigen drempel.


Tuinieren voor (wilde) dieren - Maak van je tuin een beestenboel
Barbara Rijpkema
112 pagina’s, fullcolour met foto’s en illustraties
KNNV Uitgeverij, www.knnvuitgeverij.nl/NL/webwinkel/0/0/16308

zondag 4 maart 2012

Dieren SOS

Het is een trillend hoopje ellende. Aan zijn snavel hangt een druppel bloed en waar eerder in zijn nek nog fluorescerend turkooizen veertjes zaten, gaapt nu een bloederige kale plek. Het einde van de houtduif in het gras naast het hondenuitlaatpad lijkt nabij. Wat te doen? Pak ik hem op en probeer ik hem te helpen of laat ik de natuur haar werk doen?

De discussie over het wel of niet opvangen van zieke en gewonde wilde dieren laait regelmatig op in de media. Laatst nog, over de opvang van zieke zeehonden. ‘Een kwestie van fatsoen’, volgens het centrum van Lenie ’t Hart.

Voor wetenschapsjournalist Rob Buiter is het punt bereikt ‘dat je vooral je eigen gemoedsrust sust met de opvang van deze dieren’. En: ‘De overheid zou de opvang van dieren die een natuurlijke dood dreigen te sterven moeten verbieden.’Het natuurlijk evenwicht van de Waddenzee is in gevaar’, zegt Anton Hurkens, directeur van Ecomare.

Niet álle gewonde dieren hebben hulp nodig’, vindt ook directeur Frank Dales van de Dierenbescherming. Hij maakt onderscheid tussen dieren die ziek of gewond zijn door natuurlijke oorzaken of door menselijk handelen. Een wild dier dat niet meer terug kan naar de natuur is niet gebaat bij levenslange opsluiting, redeneert hij. Daar heeft hij een punt, maar betekent ‘hulp’ dan altijd ‘opvang’?

‘Mijn’ houtduif wacht misschien nog veel pijn en stress voor hij een natuurlijke dood sterft. Wie weet wordt hij nogmaals gepakt door een vogel of opgejaagd door een hond. Doorlopen en niets doen kan ik niet over mijn hart verkrijgen en ik heb geen idee hoe ik de dood een handje moet helpen. Maar zelfs al zou ik wel weten hoe ik het beestje snel en pijnloos uit zijn lijden kan verlossen, zou ik het niet kunnen.

Ik pak mijn telefoon en bel de Dieren SOS: ‘Ik heb een zwaargewonde duif gevonden...’ ‘We komen eraan!’ Ik wikkel de duif in mijn sjaal en hou hem tegen mijn lijf onder mijn jas. Zijn pootje houdt hij stijf om mijn vinger geklemd. Hij ademt al wat rustiger. Als Moeder Natuur heeft besloten dat hij vandaag moet sterven, dan kan ik ervoor zorgen dat hij niet langer hoeft te lijden. Mijn gemoedsrust is gesust.

Foto: © Handboek Natuurfotografie|Fotograaf Edo van Uchelen

zondag 5 juni 2011

Eendjes voeren


Eendjes voeren in het park of bij de kinderboerderij. Wie heeft het als kind niet gedaan? En nog steeds verdwijnen er dagelijks ontelbare oude broden en beschimmelde kontjes in de magen van eenden en ander wild.

De meningen zijn verdeeld over hoe slecht brood is voor de dieren. Tegenstanders beweren dat het leidt tot een vroegtijdige dood. Tegelijkertijd zijn er biologen die dat onzin vinden. Zeker is dat al dat brood in het water slecht is voor de waterkwaliteit, en uiteindelijk voor de vissen. Daarbij trekt het ratten en ander gespuis aan.

Als de onbedwingbare neiging van mensen om wilde dieren te voeren zou stoppen bij eenden, zou de schade nog te overzien zijn. Maar mensen negeren massaal verboden om dieren te voeren in (wild)parken, bij kinderboerderijen en hertenkampen. Menig hert heeft ernstige darmproblemen overgehouden aan deze burgerlijke ongehoorzaamheid.

Voeren kan zelfs leiden tot een enkele reis naar de slager. Konikspaarden in de Hoeksche Waard worden mogelijk geslacht, omdat ze mensen lastigvallen, nadat ze gevoerd en aangehaald zijn. In Brabant zijn acht jonge stieren gedood, omdat wandelaars ze eten gaven.

Waarom mensen het niet kunnen laten om wilde dieren eten te geven, is voer voor psychologen. De conclusie moet in ieder geval zijn, dat dieren onhandelbaar en gevaarlijk worden, doordat mensen het vertikken om zich aan de regels houden. De natuur schotelt dieren een gevarieerd en gezond menu voor. Zij hebben ons (oude) brood niet nodig. Dat hoort thuis in de groenbak. Of nog beter: koop eens wat minder brood!