donderdag 2 juni 2011

Aangehaald

‘Je kunt je leven leiden op twee manieren. Een manier is om je nergens mee te bemoeien en een rustig bestaan te leiden. Een andere manier is dat je problemen die je ziet, probeert op te lossen. Ik kies voor dat laatste leven. Wat ik doe is voor een hoger doel. Het is mijn leven waard.’
Fawzia Koofi, onafhankelijk parlementslid in Afghanistan

zondag 8 mei 2011

Doden voor de kijkcijfers


Heb jij je wel eens afgevraagd wat je zou doen als je samen met een schildpad op een eiland zonder voedsel zou belanden? Ik wel. Zou ik hem doodslaan tegen de enige boom die mijn eiland rijk is en zijn kop met mijn tanden van zijn lijf scheuren om hem vervolgens rauw naar binnen te schrokken? Of zou ik hem in mijn armen sluiten als gezelschapsdier en beste vriend en tegen hem aanpraten totdat magere Hein me uiteindelijk uit mijn lijden zou verlossen?

Laat ik het scenario aanpassen. Wat als ik niet alleen op dat eiland zit, maar met een groep mensen, die mij aanmoedigt en onder druk zet om de schildpad dood te maken? Wat als ik uit vrije wil op dat eiland zit, omdat ik meedoe aan een reality-programma? Zou ik ‘mijn’ schildpad doden, alleen maar omdat een programmamaker het zo bedacht heeft en mijn groepsgenoten het willen?

Als ik iemand een paar dikke naaktslakken uit mijn tuin voorschotel, en ik vraag hem ze op te eten, dan is de kans groot dat hij me aankijkt en zegt: ‘Ja, duh...!’ Maar als ik het de ‘beruchte eetproef’ noem en ik beloof hem immuniteit in een spelletje, dan zal hij waarschijnlijk zonder tegenstribbelen - al dan niet kokhalzend - zijn tanden in de beestjes zetten.

Onder het mom van overleven is blijkbaar alles geoorloofd. In de never-ending serie Expeditie Robinson zijn ontelbare levende schepsels omgebracht, dan wel levend verorberd. Niet omdat de kandidaten zonder de proteïnen van lillende levensvormen, starende vissenogen of hersenen van ondefinieerbare oorsprong dood zouden omvallen. Nee, vooral omdat zij ‘hun grenzen aan het verleggen zijn’. Ze zijn stoer en stoere mensen laten zich niet kennen. Als daarbij dan wat bloed moet vloeien, ach ja...

‘Het is verboden om zonder redelijk doel of met overschrijding van hetgeen ter bereiking van zodanig doel toelaatbaar is, bij een dier pijn of letsel te veroorzaken dan wel de gezondheid of het welzijn van een dier te benadelen’, zegt artikel 36 van de Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren. Dit artikel geldt voor alle Nederlanders, dus ook voor programmamakers, BN’ers en Echte Meisjes. Dit artikel maakt de code die de Dierenbescherming wil voor de omroepen over het omgaan met dieren naar mijn idee overbodig.

Wetten en codes ten spijt, verwacht ik dat we nog lang niet af zijn van dierenmishandeling op de buis. De kijkcijfers zijn alles, mensen blijven nu eenmaal groepsdieren en groepsdruk is een machtig wapen. Het ergste wat een sociaal dier kan overkomen, is uitsluiting. Daarom vermoorden Echte Meisjes kippen en eten bekende en minder bekende landgenoten levende kokoswormen. ‘Stoer’ zijn is nu eenmaal van levensbelang. Het is treurig, maar waar.

dinsdag 26 april 2011

Aangehaald

'Death is just another path. One we must all take.'
Gandalf, in The Return of the King

zondag 17 april 2011

Vreemde vogels


Een levend schildpadje aan je sleutelbos, het schijnt de nieuwste rage in China te zijn. Diervriendelijk Nederland spreekt er schande van. En terecht. De arme beestjes stikken binnen een paar dagen in hun luchtdicht gesealde verpakkingen. Voor sommige trendies is niets te gek, en handelaars brengen de levende waar maar wat graag aan de man. Handel is handel, nietwaar?

Dat vond een Rotterdamse dierenwinkel ook, een paar jaar geleden, toen hij eendagskuikens verkocht, speciaal voor Pasen. Het was legaal, maar de Dierenbescherming stak er toch een stokje voor. De handelaar vond het: ‘allemaal zo opgeblazen. Kinderen vinden die kuikens gewoon leuk. Er werd vorig jaar gezegd dat er mee werd gevoetbald, maar dat kan ook met een konijn of een duif.’

De paaskuikentjes zijn alweer even uit. Kan het niet wat hipper? Dat kan: had u roze, felgroen, geel of oranje gewild? Of toch liever een kuiken in blauw, paars of rood? Britse wetenschappers bedachten een manier om de beestjes in alles behalve hun traditioneel gele outfitje uit hun ei te laten kruipen. De trend sloeg niet aan in Europa, maar handelaars in het Midden-Oosten en Azië zagen er wel brood in. De felgekleurde kuikentjes zijn er inmiddels lucratieve handelswaar.

‘Gewoon leuk’ was ook het plan van Intratuin om levende distelvlinders te verkopen voor Moederdag. Het ging hun uitaard niet om de handel: ‘Het is niet de bedoeling dat we hier geld aan verdienen. Het gaat ons om de boodschap.’

Handelaren en marketeers kunnen spinnen en bagatelliseren wat ze willen, maar dieren zijn voelende wezens en geen hippe hebbedingetjes of trendy gadgets. Laten we ons voor Pasen nooit bezondigen aan levende decoraties, maar het houden op het verven van eieren. Wel vrije-uitloopeieren natuurlijk, dan hebben ook de kippen een vrolijke Pasen.

zaterdag 16 april 2011

Tuinreservaat


Het is een zeldzaam mooie lentedag. Het is dinsdagmiddag en ik heb onverwachts vrij. Een luxe voor deze hardwerkende zelfstandig professional. Het is wonderlijk stil in de buurt. Ik sta in mijn tuin en het enige geluid van menselijke activiteit dat ik kan ontwaren, is het nijdige gebrom van een hogedrukspuit in de verte. Ik besluit mezelf te trakteren op een middag in de ‘natuur’.

Zo gauw als ik mezelf met een boek in een ligstoel op het terras heb gedrapeerd, krijg ik gezelschap van buurpoes Guus. Hij vlijt zich tevreden neer aan de rechterkant van mijn stoel. Huisgenoot Scarface is een tikkie jaloers en confisqueert onmiddellijk de linkerzijde. Eén oog open en strak gericht op Guus, want die gast vertrouwt hij niet, zo dicht bij zijn baasje.

De katten zijn niet de enige dieren die me gezelschap houden. Naast me hangen een paar slakken aan de pergola. Mieren inspecteren de voegen tussen de terrastegels en pissebedden scharrelen rond bij een stapel stoeptegels. Lieveheersbeestjes snoepen van de eerste groene luizen op de net ontloken rozenblaadjes en kleine spinnetjes warmen zich op de schutting aan de lentezon. Bijen vliegen af en aan om de nectar uit zo veel mogelijk blauwe longkruidbloemetjes te drinken.

Als ik om me heen kijk, zie ik overal activiteit. Mijn tuin is groene oase, die wemelt van het leven. Bijzonder, zo te midden van de betegelde en braakliggende buurtuinen. Ik ben trots op mijn stadsreservaat, en alles wat er leeft en zich er thuis voelt. De heren Pokon en HG komen er bij mij niet in, met hun dodelijke mierenlokdozen, slakkenkorrels en luizensprays. Ik hanteer al jarenlang een strikt no-kill-regime.

Wespen, bijen, hommels en ander kruipend en trippelend gespuis, ze zijn allemaal welkom. In tegenstelling tot de ideeën die tegenwoordig gangbaar zijn in het Haagse, heb ik een rotsvast vertrouwen dat de flora en fauna zich prima zelf kunnen ‘beheren’. En als ik zo rondkijk in mijn tuinreservaat, dan kan ik alleen maar concluderen dat het werkt. De enige bewoner die nog ontbreekt in mijn collectie, is de stekeligste der stadsfauna: een egel. Zelfs in de paradijselijke Hof van Dekker blijft er gelukkig nog iets te wensen over.

maandag 28 maart 2011

Aangehaald

'Pluimvee moet kunnen scharrelen, varkens kunnen wroeten en koeien horen in de wei thuis'
Herman Wijffels (2001)

Brabants beerput


‘Vroeger hadden we 10 procent minder varkens, met hetzelfde aantal medewerkers... ,’ zegt boer Hoeven uit Oirschot zichtbaar trots. Vijftigduizend biggen per jaar produceert hij nu, maar hij wil dolgraag nog een megastal bouwen met eenzelfde productie. Met lichtjes in zijn ogen en een brede glimlach laat hij zien wat de fokzeugen in zijn nieuwe stal te wachten staat.


Biggenmachine
Hij toont de ‘kringloop’ van de zeug op een bouwtekening aan de muur. Hij spreekt enthousiast over de dragendezeugenstal, de kraamafdeling, de dekstal. Het leven van een dier gereduceerd tot een van minuut tot minuut gereguleerde biggenmachine. Totdat ze uitgebaard is. Dan gaat ze op de vrachtwagen naar het slachthuis. Het zal de eerste keer in haar leven zijn dat ze iets anders ziet en voelt dan stalen hekken, metalen roosters en beton. Op de valreep daglicht en frisse lucht voordat ze bedwelmd wordt met CO2.

Stank
De burgers en buitenlui klagen. Het leefklimaat in de buurt van de varkenshouderijen is zeer slecht. Het stinkt en hun huizen zijn onverkoopbaar geworden. Stallen worden tegenwoordig in hectaren gemeten. Tegelijkertijd wordt er in de politiek gesteggeld over woorden. Hoe groot is mega? Noem je het een megastal als hij zo groot is als een tennisbaan of pas bij de afmeting van een voetbalveld? Ondertussen stampen de boeren de ene na de andere (al dan niet mega)stal uit de grond.

Verliezers
Ik kan me de frustratie en het chagrijn van de klagende burgers goed voorstellen. Ik zou voor geen goud naast zo’n vleesfabriek willen wonen. ‘Het is een ongelijke strijd’ is de conclusie van het Zembla-programma ‘Het stinkt in Brabant’. Invloedrijke boeren gaan hun gang met toestemming van de overheid en de burgers hebben het nakijken.

Maar de grootste verliezers in dit verhaal zijn toch echt de varkens.

zaterdag 12 maart 2011

Aangehaald

Er was geen talrijker vogel dan de trekduif. Toch werd hij uitgeroeid...

'Wat stelt het kleine verlies aan sport voor vergeleken bij het uitsterven van een wilde soort – iets wat een mensenhand nooit kan vervangen?'
Midas Dekkers

Gruwelen der vedermode


Adam Morrigan maakt kadaverkunst. Voorwerpen en kledingstukken van verongelukte dieren. Je moet ervan houden, maar achter zijn vossentas gaat minder dierenleed schuil dan achter de bontkragen van doodgemartelde Chinese wasbeerhonden die hele volkstammen tegenwoordig aan hun jas hebben hangen. Minder ook dan aan de vosjes van onze koningin, al komen die waarschijnlijk uit fokkerijen dichter bij huis.


Roadkill
Je kunt zijn roadkillmode mooi vinden of verfoeilijk, dierenmishandeling is het niet. Morrigan gebruikt wilde dieren die een ‘natuurlijk’ leven leefden voordat zij slachtoffer van het verkeer of de elementen werden. De dieren zijn niet gedood voor zijn kunst. Zijn hoofdtooien gemaakt van vogelvleugels zullen het waarschijnlijk niet tot must haves schoppen, al weet je het maar nooit. Het is al eens eerder vertoond. Eind negentiende eeuw om precies te zijn.


Sternhoedje
Ruim een eeuw geleden waren hoedjes opgeleukt met veren, vleugels en zelfs kopjes van sternen dé ultieme fashion statement. Elke modieuze vrouw had wel zo’n sternhoedje. De mode betekende bijna het einde van de soort. Er was in 1908 een wet voor nodig om hem voor uitsterven te behoeden. Overigens niet omdat de overheid dat nodig vond, maar vooral onder druk van de Nederlandsche Vereeniging tot Bescherming van Vogels, die ‘tegen de gruwelen der vedermode’ was.


Feathered hat
Nu Kate Middleton, het nieuwe - en bijna koninklijke - stijlicoon van Engeland voor de tweede keer gespot is met een fashionable veren hoofddeksel, voel ik een trend aankomen. Veren zouden zomaar het nieuwe bont kunnen worden en ik houd mijn hart vast voor het voortbestaan van mijn gevederde medeschepsels. Hoog tijd voor de Vogelbescherming om de mouwen op te stropen en opnieuw ten strijde te trekken tegen deze ontluikende vedermode?

zaterdag 12 februari 2011

Aangehaald

‘Menig hond wordt meer geaaid dan menig man in het land. Veel mannen ontsteken in jaloezie als ze hun vrouw met de hond aan de gang zien. Mijn stelling is dat er maar één soort liefde bestaat.’
Midas Dekkers

Animal lovers


Sinds Jo&Wes weet ik dat een sprookjeshuwelijk niet compleet is zonder een paar witte duiven. Wie weet hebben de twee tortelduifjes wel de aanleg om tot zwanen uit te groeien. Zwanen zijn mensen die hun leven lang verliefd blijven. Op dezelfde persoon. Waarschijnlijk is het niet, want dit is slechts voor één op de tien stellen weggelegd.

We gebruiken dus graag dieren als symbool voor de liefde, maar worden dieren zelf ook verliefd? Absoluut, zegt de Amerikaanse antropoloog Helen Fisher, expert op het gebied van romantische liefde. Dieren vertonen alle verschijnselen van de passie en obsessie die je ook ziet bij verliefde mensen. Ook verliefde dieren kunnen nauwelijks met hun pootjes, snaveltjes en tongetjes van hun geliefden afblijven. Vaak krijgen ze geen hap meer door hun keel en willen ze niets anders dan bij Hem of Haar zijn. Herkenbaar?

Volgens Fisher houden alle zoogdieren en vogels zich bezig met de een of andere vorm van hofmakerij die bij romantische liefde hoort. Verliefdheid is, net als honger, een basisbehoefte. Zonder dit speciale instinct zouden mannetjes en vrouwtjes elkaar niet het hof maken en zou er geen paring plaatsvinden. Er zou geen nieuw leven zijn zonder liefde.

Zeker is dus dat dieren liefde kennen, zelfs liefde op het eerste gezicht. Hoe lang ze verliefd blijven verschilt wel. Bij ratten is het na een paar seconden voorbij, bij lieveheersbeestjes duurt het enkele minuten en een giraffe kan weken in een roes verkeren. Honden houden het met gemak een paar maanden vol. Bij veel dieren duurt de verliefdheid tot en met de paring; anderen blijven lange tijd of zelfs hun leven lang bij elkaar. Dit geldt voor 5 tot 10 procent van de zoogdieren. Vogels zijn de trouwste schepsels: 70 procent van de stelletjes zweert elkaar eeuwige trouw.

Waarin mens en dier wel verschillen is dat mensen op elk moment verliefd kunnen worden, terwijl veel dieren het liefst op de lente wachten. Nog even geduld en dan flirten dieren overal om ons heen weer dat het een lieve lust is. Dit geldt uiteraard ook voor zwanen, al leveren zij ook regelmatig het bewijs dat liefde inderdaad het gezichtsvermogen kan beïnvloeden. Zij kunnen ook vallen op een lantarenpaal, of een waterfiets. En dat dan levenslang. Ach...

dinsdag 8 februari 2011

Aangehaald

‘Voor een goed huwelijk is het nodig heel vaak verliefd te worden en altijd op dezelfde persoon’
Mignon McLaughlin

woensdag 2 februari 2011

Aangehaald

‘Er zijn 193 soorten apen. Daarvan zijn er 192 behaard. De uitzondering is de naakte aap, die zichzelf homo sapiens heeft genoemd’
Desmond Morris

Fiffy's ogen


Ogen zijn de vensters van het hart en de spiegel van de ziel. En dat geldt zeker voor dieren. Je moet wel van gehard staal zijn of stekeblind om niet gevoelig te zijn voor de blik in de ogen van een dier dat lijdt. Een dier dat je aankijkt, terwijl hij al zijn pijn en ellende onversluierd in zijn ogen draagt... Opeens herinner ik me Fiffy’s ogen.

‘Wat dit chimpanseevrouwtje in haar veel te kleine kooi allemaal is aangedaan...’. Ik krijg het koud terwijl ik deze woorden alleen maar typ. ‘want ze was er slecht aan toe ...’. Fiffy’s ogen zijn diep ingebed in mijn geheugenkaart sinds de eerste keer dat ik ze zag in een filmpje van Stichting AAP.

Fiffy is het ‘gezicht’ van de airmilesactie van Stichting AAP. Haar bruine en o zo menselijke ogen, die zo treurig en argwanend door de tralies staren van de gevangenis waarin zij dertig jaar alleen zat opgesloten. Ze vinden nog elke keer als ik de beelden zie, feilloos als een precisiewapen, mijn hart. Wie kan haar in de ogen kijken en niet helpen om een eind te maken aan haar lijden en dat van haar soortgenoten?

Ik ben zeker niet de enige die reageerde op het filmpje. Al meer dan zeventigduizend mensen hebben de ogen van deze chimpansee over de spreekwoordelijke streep getrokken. Mensen die nu airmiles sparen, waardoor nog vele andere ‘Fiffy’s’ gered kunnen worden uit hun erbarmelijke levens. Een groot succes dus, al kan de stichting nog altijd meer spaarders gebruiken.

Nee, ik heb eigenlijk maar één probleem met de actie en dat is de bijgeleverde sticker met Fiffy’s ogen, die ik braaf op mijn airmilespas had geplakt. Ze bleven me maar droevig aanstaren, elke keer als ik de pas op een toonbank legde. Vanochtend heb ik de knoop doorgehakt en heb ik Fiffy’s ogen van mijn pas gepeld. Mijn schuldgevoel zal ik later wel afkopen, met een extra bezoekje aan de winkel.



PS: Fiffy leeft alweer bijna drie jaar lang en gelukkig in Almere, samen met haar mannen Jim, Julio en Freddy.